Examples of using Leuke week in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Maar het was wel een leuke week op het werk.
Leuke week gehad met z'n tweetjes?
Kortom een volle maar leuke week.
Leuke week gehad met z'n tweet jes?
Het was een extreem intense en leuke week.
Een leuke week, Sophie.
Het was een leuke week.
We brachten een zeer leuke week in het appartement.
Maggie, er wacht ons een leuke week vol repetitieve oefeningen.
Hebben met onze 3 kinderen een leuke week.
Het was een leuke week ja.
Het was een erg leuke week in Parijs.
Had je 'n leuke week?
brachten we een leuke week.
Wordt een leuke week.
Ja, dat was een leuke week.
Word een leuke week.
Ik wil dat je een leuke week hebt.
We hadden een erg leuke week in Rome.
We Hattem een erg leuke week in Corfu.