Examples of using Philippa in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa was zeer behulpzaam en snel te reageren op eventuele vragen.
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa zou dit product aan vrienden/vriendinnen aanbevelen.
Philippa weet natuurlijk van niks,
Vergeet niet om Prudence, Philippa, of zelfs Penelope gedag te zeggen.
Emotioneel. Corrigeer me als ik het mis heb maar Philippa is het probleem toch?
Leuk om de tafel met Philippa's bloemen te laten verplaatsen.