Examples of using Wankelde in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Nu wat? Toen Cass stierf, wankelde je, maar nu.
Hij leefde te midden van spanning en storm, doch hij wankelde nooit.
prijzen schuld alleen wankelde.
Nu wat? Toen Cass stierf, wankelde je, maar nu?
Emma wankelde de poort door:"Eindig niet met onheilswoorden!
Maar het geloof van de Israëlieten wankelde.
De Jap wankelde even maar gaf haar meteen een oplawaai terug.
Maar plotseling wankelde hij en viel neer.
stemmen hoorde, wankelde uw hersenactiviteit geen moment.
Mooie en ongewone blik wankelde bruggen.
Ons geloof wankelde nooit.
Maar onze genegenheid wankelde nooit.
Nonnatus House werd bedreigd, maar z'n geest wankelde niet.
Getuigen zagen Abbott met een wapen en Talbot die naar de fontein wankelde.
Wankelde je wel een beetje?
Hij wankelde door de gang, mompelend over een Judith.
Ik wankelde door de rijkdom van uw kennis… Masood, Ontario.
Wankelde 's morgens vroeg naar huis onder de modder en bladeren.
Hij wankelde en viel.
In de tweede helft wankelde Ajax.