Examples of using Zerubbabel in Dutch and their translations into English
{-}
-
Ecclesiastic
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
de HERE is blij te zien dat het werk begint en dat Zerubbabel het paslood ter hand heeft genomen.
begonnen Zerubbabel, de zoon van Sealthiel,
Zerubbabel("zaad van Babylonië") was de kleinzoon van Jojachin,
Hij zei:"Dit is een boodschap van de HERE aan Zerubbabel(A):'Niet door kracht
Hij zei:"Dit is een boodschap van de HERE aan Zerubbabel(A):'Niet door kracht
Antwoordden Zerubbabel, Jesua en de andere leiders."U kunt hieraan niet meedoen.
Antwoordden Zerubbabel, Jesua en de andere leiders."U kunt hieraan niet meedoen.
Pedaja was de vader van Zerubbabel en Simeï. De kinderen van Zerubbabel waren Mesullam,
Haggaï moest deze woorden doorgeven aan Zerubbabel, de zoon van Sealthiël,
Haggaï moest deze woorden doorgeven aan Zerubbabel, de zoon van Sealthiël,
zij het tinnen gewicht zullen zien in de hand van Zerubbabel;
zij het tinnen gewicht zullen zien in de hand van Zerubbabel;
Dit is het woord des Heren tot Zerubbabel: niet door kracht
zij het tinnen gewicht zullen zien in de hand van Zerubbabel;
Dit is het woord des HEEREN tot Zerubbabel, zeggende: Niet door kracht
De handen van Zerubbabel hebben dit huis gegrondvest,
Dit is het woord des HEEREN tot Zerubbabel, zeggende: Niet door kracht
Daarom gaf gans Israel, in de dagen van Zerubbabel, en in de dagen van Nehemia,
De kinderen van Pedaja nu waren Zerubbabel en Simei; en de kinderen van Zerubbabel waren Mesullam
Zo kwamen zij aan tot Zerubbabel Zerubbabel, en tot de hoofden der vaderen,