A BEDTIME in Dutch translation

[ə 'bedtaim]
[ə 'bedtaim]
voor het slapengaan
before bedtime
before bed
before sleeping
before retiring
een bedtijd
a bedtime
voorlezen
read
recite
aloud
readings
voor het slapen gaan
before bedtime
before going to bed
before sleep
before retiring
for the night
prior to bed
before going to sleep for the night
het slapengaan
bedtime
going to bed
going to sleep

Examples of using A bedtime in English and their translations into Dutch

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Ecclesiastic category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Computer category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
I am gonna tell my girl a bedtime story.
Als ik thuis ben, vertel ik mijn kleine meid een verhaaltje voor het slapen gaan.
It became a bedtime story.
Het werd een verhaal voor het slapengaan.
Not that I have a bedtime.
Niet dat ik een bedtijd heb.
Would you like it if I read you a bedtime story?
Zal ik jullie een verhaaltje voorlezen?
I used to tell Kia a bedtime story every night.
Ik vertelde Kia altijd een verhaal voor het slapen gaan.
That's not a bedtime story.
Dat is geen verhaaltje voor het slapengaan.
Since when do I have a bedtime?
Sinds wanneer heb ik een bedtijd?
And insisted that she read us a bedtime story.
Ze wilde ons een verhaaltje voorlezen.
As years went by… he became nothing more than a bedtime story.
Naarmate de jaren verstreken… werd hij niets meer dan een verhaaltje voor het slapengaan.
I'm so grown-up I don't even have a bedtime.
Zo volwassen dat ik niet eens een bedtijd heb.
And insisted she read us a bedtime story.
Ze wilde ons een verhaaltje voorlezen.
He became nothing more than a bedtime story. As years went by.
Naarmate de jaren verstreken… werd hij niets meer dan een verhaaltje voor het slapengaan.
Can she stay with me and read me a bedtime story? Papi?
Papi. Mag ze me een verhaaltje voorlezen?
Are you going to read me a bedtime story?
Ga je me een verhaaltje voorlezen?
We're just going to read Owen a bedtime story.
We gaan Owen een verhaaltje voorlezen.
You have to read us a bedtime story.
Je moet ons nog een verhaaltje voorlezen.
I want you to tell me a bedtime story.
Ik wil dat je me een verhaaltje voorleest.
This is Mother with a bedtime story.
Dit is mama met een verhaaltje voor 't slapen gaan.
You want me to read you a bedtime story?
Wil je dat ik je een verhaaltje voorlees?
No festival. just a bedtime story.
Nee hoor, gewoon 'n verhaaltje voor 't slapen gaan.
Results: 105, Time: 0.0563

Word-for-word translation

Top dictionary queries

English - Dutch