Voorbeelden van het gebruik van Afzuigen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
T Allerliefste… wil ik zijn pik afzuigen.
Zal ik je afzuigen?
Pinkney, afzuigen.
Adam, laat me je lul afzuigen.
Moet ik je nu afzuigen?
Irrigeren, reinigen en afzuigen.
Laat me je lul afzuigen!
Hier laat Gordo zich afzuigen.
Verpleegster, afzuigen.
Ik zou haast een lul afzuigen voor een peuk.
Ga jij ze afzuigen?
Lets meer afzuigen.
Ik wil op mijn knieën en je afzuigen als een lolly.
Hallo. Zal ik je afzuigen in de auto?
Afzuigen van rookgassen bij de gietvormen.
Moet ik 'm afzuigen?
Afzuigen, schat. Komaan.
slik een paar oxycodons en laat je afzuigen.
Afzuigen. Mijn zoon!
Iedereen gaat je afzuigen!