Voorbeelden van het gebruik van Alisa in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Alisa, kom eens hier.
Alisa, doe dat niet.
Schakel je gsm uit, Alisa.
Alisa praat het liefst over zichzelf.
Alisa, het is niet de regen.
Ik heb hier Alisa Beldon bij me.
En waarom spreken jullie over Alisa?
Geloof me, Alisa, het was warm.
Alisa, je bent doof, niet blind.
Dat kan ik echter niet over Alisa zeggen.
Waar zat je met je verstand, Alisa?
Alisa kan ik krijgen,
Alisa, ik kan niet meer bewegen.
Alisa, het spijt me als ik problemen veroorzaakt heb.
Vergelijk Alisa Chambers met alle bekende terroristische groepen in de database.
Ik zag haar op straat en dacht dat ze mijn Alisa was.
Ik zal je vertellen wat de Heilige Alisa met haar net glimlach zegt.
Hier is een dia die Alisa Miller liet zien tijdens een vorige TED-talk.
Of ik bezoek je vrouw, Maya, wanneer ze Alisa ophaalt van het ballet.
Maya, wanneer ze Alisa ophaalt van het ballet.