Voorbeelden van het gebruik van De bakker in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Geef de bakker niet de schuld….. 'als de slager het brood bakt.
De bakker had een tulband.
Voor de bakker of de schoenmaker op de hoek zullen deze nauwelijks veranderen.
Ik hoefde bij de bakker niet meer in de rij te staan op zondagochtend.
De bakker is vast open.
Het centrum en de bakker bij het treinstation.
Waarom kiest de bakker voor Colson kwaliteits wielen?
De bakker en gelateria beneden, de markt voor ontbijt elke….
Verse broodjes, croissants? De bakker komt direct bij u langs.
Kan de bakker aan boord komen, meneer?
Bel de bakker en bestel nog een taart!
Bij de bakker, in de supermarkt.
Ik moet de bakker spreken.
De bakker is geweldig.
Het komt van de bakker om de hoek.
En de bakker.
Ja, want de bakker ging sluiten.
De bakker kan de moordenaar niet zijn.