Voorbeelden van het gebruik van De beroepsbevolking in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
De beroepsbevolking is 2812.
De beroepsbevolking is 2100.
De beroepsbevolking is 1200.
De beroepsbevolking zal in de periode tot 1985 vermoedelijk met ten minste 5.000 personen stijgen.
De beroepsbevolking verandert structureel in samenstelling.
In de vijftien EU-landen was 3,6% van de beroepsbevolking in 2000 langdurig werkloos.
Het diagram geeft het procentuele aandeel van de vrouwen weer In de totale beroepsbevolking.
Wijzigingen in de beroepsbevolking.
Het afzonderlijke effect van wijzigingen in de bevolking en in de arbeidsparticipatie op de beroepsbevolking.
In deze leeftijdsgroep was in 1994 21,5% van hen die tot de beroepsbevolking behoorden werkloos- in Spanje 27% en meer dan 16% in Frankrijk,
Met 16,1% van de beroepsbevolking in de EEG komen de overige diensten in de tertiaire sector op de tweede plaats,
Verhouding tussen de beroepsbevolking(4210000 personen) en de bevolking in de werkende leeftijd 6675000 personen.
Dat geldt met name voor de voorbereiding van de beroepsbevolking op de bouw van gebouwen die “bijna energieneutraal” zijn,
Alleen al vanwege haar omvang zal de Afrikaanse beroepsbevolking het potentieel hebben decennialang als motor voor de mondiale groei te fungeren.
Het aandeel van„telewerkers" in de beroepsbevolking van de lidstaten varieert van 0,6 tot 9.
Verandering van de bevolking, de beroepsbevolking en de werkgelegenheid van jongeren(15 24)
het vruchtbaarheidscijfer was 2,7, de beroepsbevolking had gemiddeld zes jaar scholing