Voorbeelden van het gebruik van Een uil in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Vorige week, toen ik een uil maakte van macaroni,
Ik heb een uil gezien.
Een uil, wie? Ik heb dat uil-gedoe verpest.
Ik ben een uil, wie?
Ik ben een uil, van wie?
Uil.- Een uil zonder kin.
Weet je wat een uil zegt, als een kraai hem pikt?
En ze mogen desgewenst een uil, een kat of een pad meebrengen.
Zoals een uil.
Ik heb nooit een uil gewurgd!
Wat zou een uil moeten met een dennenappel?
Een uil valt toeristen aan op Times Square.
Een uil is nog erger
Ben je een uil, Lou?
En ik ben een uil.
Maar die kreeg een uil.
SIuip nooit langs een konijnenhok met een uil in je broek.
Dit symbool is een uil.
Dat is een uil.
Je moet niet de hele nacht als een uil naar me staren.