Voorbeelden van het gebruik van Fitzpatrick in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Gezonde appetijt Mr. Fitzpatrick.
John Fitzpatrick, van Florida.
Fitzpatrick was op de ceremonie.
De schutter is ene Craig Fitzpatrick.
Bel Fitzpatrick op z'n autotelefoon.
Mevrouw Fitzpatrick? Ja, ja?
Die proleet heet Brian Fitzpatrick.
Zoek je Fitzpatrick, Brendan?
Volgens hen bestaat John Fitzpatrick niet.
Claire Fitzpatrick ik kan wel doorgaan?
Oh Seedling, vergeet Mr. Fitzpatrick niet.
Hoe gaat 't, Mr Fitzpatrick?
Fitzpatrick, ik heb meer ogen nodig.
Mr Fitzpatrick is van gedachten veranderd.
Fitzpatrick, wat heb je voor me?
Eens zien of zij iets weten over Fitzpatrick.
Mr. Fitzpatrick en ik zullen ons geld gracieus aannemen.
De naam van de man is John Fitzpatrick.
Fitzpatrick houdt het hooguit nog een week vol.
Mr. Fitzpatrick. Het was Charles' zoon!