Voorbeelden van het gebruik van Hijzelf in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
U lijkt er blijer mee, dan hijzelf.
z'n zoon beter wordt dan hijzelf.
Zoals hijzelf zei: beschermen zonder protectionisme.
Hijzelf heeft het nooit het"Spinelli-ontwerp" genoemd.
Hijzelf groeide op in Stevens Point.
Hijzelf speelde daarin de rol van de kandidate Geraldine McQueen.
Hijzelf ontving geen religieuze opvoeding.
Hijzelf zat in een open cockpit.
Hijzelf beweert dat hij dit doet om zijn ploeg te beschermen.
Die hijzelf had geschilderd.
Hijzelf werd later co-leider van de groep.
Dat is hijzelf, niet z'n vader.
Ja, en hijzelf- nerveus, prikkelbaar.
Zei Francis niet dat hijzelf wilde beslissen over de deal?
Hijzelf is op veilige afstand, als die afgaat.
Hijzelf rijdt iedere dag in een andere auto.
Hijzelf. Hij staat buiten.
Hijzelf ook.
Hijzelf had mensenvlees gegeten.
Hijzelf kwam ook van NIMH.