Voorbeelden van het gebruik van Kantine in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Beveiliging, stuur 'n team naar de kantine.
Ik weet het niet. Ik ga naar de kantine.
Hij is in de kantine.
Ik breng u meteen naar de kantine.
Die ene keer dat je lunch verdween in de kantine, dat was ik.
Vast meegenomen uit de kantine.
In de kantine, iedereen ziet 't.
Ga naar de kantine en laat daar wat van je horen.
Ik zie je straks wel in de kantine.
Waarom zie ik je nooit in de kantine?
Ik laat wel wat brengen uit de kantine.
Hij is in de kantine.
Zaff, Jax uit de kantine.
Ik wou wat gaan drinken in de kantine.
Ze hebben donuts in de kantine.
Onze kantine… Vrij met me, Ann.
Ik zie je in de kantine om 19.00 uur.
Dit is de kantine.
Onze gasten waren vanochtend in de kantine.
We zijn allemaal in de kantine.