Voorbeelden van het gebruik van Magda in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Zo hoorde ik het van Magda.
Ik ga niet voor ik Magda heb gesproken.
Ik kom voor Magda.
Blijf jij maar bij Magda.
Hij gaat liefdevol met Magda om. Nee.
Ik heb geld nodig… voor Magda. Tante.
Het gaat over Magda.
Heb je nog andere ideeën over Magda?
Eerdere transacties MISTRESS MAGDA.
Ik heet Magda.
Niet mijn Magda.
Maar toen Magda.
Mijn geheime Magda.
Mevrouw Magda had gelijk.
Wakker worden. Magda.
Magda is geen idioot.
Zeg maar Magda.
Ik heet Magda Janczyk.
Niet weer, Magda.
Mevrouw Magda had gelijk.