Voorbeelden van het gebruik van Onderbroek in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Die onderbroek is de ontsteking van een revolutie.
Onderbroek of boxers?
Ik heb iets kouds en nats in mijn onderbroek.
Ik drink bier in mijn onderbroek.
Zag je z'n onderbroek niet?
Mijn vader krijgt van u… onderbroek. een nieuwe.
Ln m'n onderbroek. Waar?
Onderbroek. Onderbroek. Een vermogen waard.
Een onderbroek en een bustehouder.
Trek m'n onderbroek omhoog!
Ik kwam net klaar in mijn onderbroek en ik spuit nogal!
Lederen zag je onderbroek.
Sharon hij draagt geen onderbroek.
Dit is mijn laatste schone onderbroek.
Je bent mijn vader… een nieuwe onderbroek verschuldigd.
Dat is niet mijn onderbroek.- Alles?
Hou je onderbroek vast, schat.
Broeken: net als 'n onderbroek maar dan langer.
Jij laat me nu net elektriciteit in mijn onderbroek ontdekken.
Oké, Catty, hoe ziet Kitty's onderbroek eruit?