Voorbeelden van het gebruik van Parkeer in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Parkeer je auto in de Westblaak parkeergarage in Rotterdam.
Parkeer ongeveer 15 meter bij mij vandaan,
Parkeer de auto dicht langs de stoep.
Parkeer je je wagen nu op de oprit?
Parkeer uw auto in de veilige overdekte parkeergarage. Hotelgegevens.
Parkeer uw auto zo snel als je kunt!….
Parkeer die pick-up waar hij thuishoort.
Misschien parkeer ik hem zelf wel.
Waarom parkeer je dan ook midden op de oprit?
Parkeer je auto in de parkeergarage Sint Jacobsplaats.
Parkeer je auto in deze buurt en de plaatselijke flikken zijn er meteen.
Parkeer maar scheef.
Parkeer daar. Hier is het.
Parkeer gebogen anti-reflecterend, krasvast saffierglas spiegel.
Parkeer onderaan de heuvel.
Parkeer de wagen en pak je camera. Marcus.
Parkeer erachter. Doe je lichten uit als je er bent.
Parkeer uw auto in het centrum van een stad.
Parkeer waar je wilt.
Parkeer waar je wilt.