Voorbeelden van het gebruik van Boba in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Gefeliciteerd, Boba.
Boba heeft gelijk.
Het was Boba Fett.
Hij heet niet Boba.
Zijn naam is Boba Fett.
Boba, ga aan boord!
Mijn boba is niet op.
Naar de jungle, Boba.
Wil je Boba houden?
En Boba Fett dan?
Bericht ontvangen. Boba uit.
Gefeliciteerd, Boba. Goed gedaan.
Goed gedaan. Gefeliciteerd, Boba.
De gigantische kip is Boba Fett.
Han wordt meegenomen door Boba Fett.
Goed gedaan. Gefeliciteerd, Boba.
Boba, ben jij dat?
Gefeliciteerd, Boba. Goed gedaan.
Boba Fett is achter je!
Ga op jacht met Boba Fett!