Voorbeelden van het gebruik van Boomhut in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Een je jongen in die boomhut.
Ongebruikelijke nacht in boomhut of vlothuis.
Kunnen we ergens heen? Ja, m'n boomhut.
Je jongen in die boomhut.
Dus we bouwen een boomhut.
Ik heb een boomhut.
Ik moet een boomhut bouwen.
Er was geen boomhut.
Er was geen boomhut.
In de boomhut.
Je neemt me mee naar de Boomhut.
Ik vermoed in 'n boomhut.
Je brengt me naar de Boomhut.
Ze kwam van de boomhut.
Ik bouw die boomhut nog wel.
Het volgende jaar brandde ik de boomhut af.
Een boomhut. Je wil in een boomhut wonen.
Het volgende jaar brandde ik de boomhut af.
De meiden hebben geen boomhut nodig.
Ja, we hebben een boomhut nodig.