Voorbeelden van het gebruik van Een beroeps in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Nooit! U bent een beroeps.
Het werk van een beroeps.
Nee, ik ben een beroeps.
Deze dame is een beroeps.
Die gast is meer dan een beroeps.
Het lijkt me een beroeps.
want ik ben een beroeps.
Ik ben een beroeps.
Hoe weet je dat het een beroeps is?
Of van een Beroeps.
Ja, wie de huizen ook beroofde, beslist een beroeps.
Geef een beroeps voelen aan uw kantoor met unieke bureaunaamborden.
beslist een beroeps.
Ik bedoel een beroeps, Jane.
Laat Jordaan voortaan een beroeps sturen.
Erg precies, het moet een beroeps zijn.
Maar hij zei toch dat hij een beroeps was?
Stap opzij en laat een beroeps dit afhandelen.
Het kan onafhankelijk of met behulp van een opgeleide beroeps worden gedaan.
En helemaal als hij erachter komt dat ze een beroeps was.