Voorbeelden van het gebruik van Erfdeel in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
En wie mijn vader belazerde en mijn erfdeel inpikte.
zegen uw erfdeel.
bijna enig architecturaal erfdeel.
Maar het priesterdom des HEEREN is hun erfdeel.
En hun erfdeel was in het midden van het erfdeel derkinderen van Juda.
En geef ze hun erfdeel zoals vroeger.
Al deze periodes hebben Arnsberg beïnvloed, en hun erfdeel achtergelaten.
Wat krijgt u? Uw erfdeel als je belonen.
God wil niet dat er iemand is die de baas speelt over zijn erfdeel.
En zegen wat uw erfdeel is.
Uw inzettingen zijn mijn erfdeel eeuwigdurende.
Het is jouw erfdeel.
Dat is de helft van het erfdeel.
Mijn pensioen en jouw erfdeel.
De HEERE is zijn Erfdeel, gelijk als Hij tot hem gesproken heeft.
De HEERE is zijn Erfdeel, gelijk als Hij tot hem gesproken heeft.
De HEERE is zijn Erfdeel, gelijk als Hij tot hem gesproken heeft.
Dat erfdeel is een molensteen.
De HEERE is zijn Erfdeel, gelijk als Hij tot hem gesproken heeft.
De HEERE is zijn Erfdeel, gelijk als Hij tot hem gesproken heeft.