Voorbeelden van het gebruik van Fluitspeler in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Hij was daarnaast fluitspeler en een verwoed verzamelaar van ongepubliceerde Ierse melodieën.
En die de fluitspeler ook aan mij beloofd had. van al de leuke dingen die zij zagen.
En die de fluitspeler ook aan mij beloofd had. van al de leuke dingen die zij zagen… Ik kan niet vergeten dat ik afstand moest doen.
Een stel bronskleurige beelden van musici- violiste en fluitspeler- koper, brons.
En die de fluitspeler ook aan mij beloofd had. van al de leuke dingen die zij zagen… Ik kan niet vergeten dat ik afstand moest doen.
En die de fluitspeler ook aan mij beloofd had. van al de leuke dingen die zij zagen… Ik kan niet vergeten dat ik afstand moest doen.
Ik kan niet vergeten dat ik afstand moest doen… van al de leuke dingen die zij zagen… en die de fluitspeler ook aan mij beloofd had.
is een Belgisch jazzsaxofonist, fluitspeler en componist.
Het enige lied dat hij kon spelen hij leerde spelen toen hij jong was Tommy was de zoon van een fluitspeler.
Het enige lied dat hij kon spelen hij leerde spelen toen hij jong was Tommy was de zoon van een fluitspeler.
vroolijk den fluitspeler volgden.
langzame beweging met azif(عازف)(fluitspeler) in het midden van de cirkel.
Eenaap en Eenmeester waren fluitspelers en kunstenaars.
je wilt het niet dat 12 fluitspeler's in het midden van hun belofte.
De fluitspeler stapte binnen en de kinderen volgden.
En wie de fluitspeler betaald bepaald de melodie.
De fluitspeler stapte binnen en de kinderen volgden.
Dit is de fluitspeler en ik wil befloten worden.
Alleen de kinderen konden het horen. Van de Fluitspeler.
Alleen de kinderen konden het horen. Van de Fluitspeler.