Voorbeelden van het gebruik van Geef dekking in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Zet de auto weg. Geef dekking.
Mike, de uitgang.-Geef dekking.
Blijf daar. Geef dekking.
Tijd om te gaan. Geef dekking.
Doe voorzichtig.- Geef dekking.
Geef dekking!
Geef dekking aan de linkerkant!
Ik geef dekking.
Geef dekking!
Ik geef dekking.
Ik geef dekking.
Geef dekking.
Geef dekking.
Geef dekking.
Ik geef dekking.
Rennen, geef dekking. Wachter!
Ik geef dekking.
Ik geef dekking, jij maakt hem open.
Neem Ranney mee en geef dekking. Vooruit maar.
Geef dekking. Ik heb je beet?