Voorbeelden van het gebruik van Hem identificeren in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Misschien kunnen we hem identificeren.
U moet hem identificeren.
kan ik hem identificeren.
Ze kan hem identificeren.
En met jouw middelen, kan ik hem identificeren.
Jij blijft hier. Ik kan hem identificeren.
Nee. Kun je hem identificeren?
Iemand moest hem identificeren.
Nee. Kun je hem identificeren?
Alleen ik kan hem identificeren.
Laat haar hem identificeren.
Maar alleen jij kunt hem identificeren.
Jij kunt hem identificeren.
Misschien kan iemand van een ander bureau hem identificeren.
Gregory zal hem identificeren.
Dus niemand kan hem identificeren als hij weg komt.
We konden hem identificeren via zijn medische verslagen.
Ze kan hem identificeren.
Johan. Laat hem identificeren.
Kon je hem identificeren?