Voorbeelden van het gebruik van Hot dog in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Verander'hot dog' in'hot Doug?
Wil je hot dog?
Die hot dog is verkeerd?
Hot dog in een hand, een Budweiser in de andere.
Je hebt die hot dog een beetje aangebakken.
Hot Dog… de film.
Een hot dog.
Oh, maakt de hot dog je boos?
Ja, Hot Dog hier.
Maakt de hot dog je boos?
Vakantiewoningen in de buurt van The Hot Dog Guy.
niet, geen hot dog.
O ja, toen je een hot dog voorstelde?
Ja, maar oefen eerst met een hot dog.
Ik heb al tijden geen hot dog gehad.
Hoe vind je de hot dog?
Saad, wil je een hot dog?
Vorig jaar. O ja, toen je een hot dog voorstelde?
Neem jij een hot dog?
Spaghetti met kleine stukjes hot dog erin.