Voorbeelden van het gebruik van Je weekend in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Hoe was je weekend? Hi?
Hoe was je weekend, Claude?
Hoe was je weekend?- Lieverd, Douglas.
Hoe was je weekend? Hey, Ricky?
Geniet van de rest van je weekend, Jenny.
Hij kan hier zo zijn, dus we hoeven je weekend niet te verpesten.
Hi. Hoe was je weekend?
Hey, Ricky. Hoe was je weekend?
Geen gevangenen. Geniet van je weekend.
Ik wil weten hoe je weekend was, Rocco.
Hoe eerder je je weekend afhandelt, hoe eerder het voorbij is.
Hoe bevalt je weekend?
Ik vind het vervelend om het je dit weekend te vragen.
En je weekend met Tom dan?
Spendeer je weekend als een paar doodgewone Amerikanen.
En je weekend met Scott?
Hoe was je weekend?
Hoe was je weekend?
Het is wel je weekend.