Voorbeelden van het gebruik van Klerelijer in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Gore klerelijer.
Ogen neer, klerelijer.
Vuile klerelijer.
Oud genoeg om een klerelijer te zijn.
maak me dan los, klerelijer.
Ik ga die klerelijer grillen.
Luister naar me, klerelijer, dit is geen theekransje, oké?
Pak die klerelijer gewoon, Sheriff. Chance is slimmer dan menigeen, dus.
Ik was lang getrouwd met die klerelijer Barlow en ik heb iets tegoed voor al die jaren.
Die rijke klerelijer gebruikt iedere mogelijke truc om een moord te ontwijken,
Baviaan, grote dij, hoog- tietenlikker, spade, eikel. en verspringer, klerelijer, 360 graden basketbal-dunker,
Hij verdiende te sterven, te stikken in een plas van zijn eigen bloed. Klerelijer.
U en uw partner dronken een biertje om even af te draaien en deze klerelijer.
Eindelijk klaar om door het stof te gaan en 'm te verzilveren, dat die klerelijer met zo'n cheque de bank binnenstapt,
Domme hufter, ik schrok me rot. Stelletje klerelijers!
Volgen die klerelijers ons?
Dat zijn werkelijk klerelijers… dekking zoeken, nu!
Stelletje klerelijers. Ga weg!
Game over, klerelijers.
Zo kom je boven die klerelijers.