Voorbeelden van het gebruik van Robby in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik wil dat je volgende week Robby meeneemt.
Richard, hier Robby.
George en Robby Marino.
En het zal niet mogelijk zijn zonder Robby.
Tory, dit zijn Sam en Robby.
Die man noemde Robby in die tijd?
Robby is besmet.
Robby, heb je even?
Robby, wanneer kunnen we het hier weer afhuren?
Zeg tegen Sven dat Robby vermist wordt en dat ik moest gaan.
Robby. Blijf vanavond thuis.
Ja, Robby zit hier nog uren.
Hij gaf Robby Keene genade vanwege jou.
Amanda vertelde me dat Robby naar West Valley gaat.
Robby, heb je even? Ok?
Robby, heb je even? Oké?
Robby zit hier nog uren.
Robby, wanneer kunnen we het hier weer afhuren?
Oké. Robby, heb je even?
Oké. Robby, heb je even?