Voorbeelden van het gebruik van Sprinten in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
steeds snel sprinten met tussendoor rustig wandelen.
Groep diverse stedelijke hardlopers sprinten over het frame in….
Je kunt niet je leven lang sprinten.
Carlos, we gaan wat sprinten.
Secretariaat sprinten weg.
Wanneer ze de laatste kegel bereiken sprinten ze terug naar de start.
Niets. Jacoby wilde buiten sprinten.
Onderzoek heeft uitgewezen dat creatine suppletie sprinten snelheid kan verhogen.
Hij kan met meer dan 100 kilometer per uur sprinten.
En toen nam ik al die sprinten.
Maar je zult direct moeten sprinten.
Je kunt de laatste etappe sprinten.
Niet lopen… maar sprinten.
Als jij zegt sprinten, vraagt zij hoe ver.
Niet lopen… maar sprinten.
Voordat ze daar aankomen sprinten ze voor de 6de en laatste keer in Waterloo.
Je stopt met sprinten als je met een[[mob]] in aanraking komt.
Sprinten. Ik hoop dat de tornado jullie luilakken een duw geeft!
Onderzoeken hebben aangetoond dat sprinten in verband is gebracht met een betere glucose controle.
Sprinten, opstellen en naar de bal kijken.