Voorbeelden van het gebruik van Uur per week in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik krijg maar 17 uur per week.
Het is één uur per week.
Ik betaal je voor 40 uur per week.
Lk zie m'n stiefdochter één uur per week.
Maar je werkt al 90 uur per week.
Ik ben hier 40 uur per week.
Reguliere werktijden zijn meestal 8 uur per dag en 40 uur per week.
Een uur per week.
Jij bent fulltime voor 40 uur per week beschikbaar om te werken.
Uur per week naar keuze/flexibel te gebruiken FREQUENT.
Uur per week en 90 uur per twee weken. .
Eén uur per week gedurende zes weken. .
Minimaal 1 uur per week besteden aan drummen.
Uur per week als een duizendpoot bij een bedrijf in New York.
Hij werkte een paar uur per week in de winkel.
Een uur per week, zoals nu?
Uur per week proef.
Minimaal 32 uur per week beschikbaar.
Het personeel werkte 45 uur per week voor 15 Shillings.
IT max. 38 uur per week, tijdelijk.