Voorbeelden van het gebruik van Wreken in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik zal je dood wreken, mijn vriend.
Ik moet de moord op mijn moeder wreken.
En ik zal Kay en zijn volk wreken.
Ik zal mij op hen wreken.
Mijn vader wreken zoals ik zei dat ik zou doen.
We zullen je wreken, Adder!
Mijn god zal me wreken.
Ja, ik wil William wreken.
Florence Murat, Marie Rivière… Een moeder die haar dode dochter wil wreken.
Hem wreken, de familie terugkrijgen.
We zien hoe Indië en China zich wreken op Engeland.
En ik zal Kay en zijn volk wreken.
Ik wilde me wreken.
Bij het wreken van je ouders.
Ik zal je wreken.
Melanie, we wreken je!
We zullen ons wreken.
Het wreken van een vader is iets wat ik nu begrijp.
Ik zal mijn volk wreken.
We zullen Teresa wreken.