Voorbeelden van het gebruik van Verrader in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Er is een verrader onder ons.
Ze is een verrader, Joe. Een staatsvijand.
Breng die verrader tot zinken!
Ik zag hem ooit een verrader aan hem voeren.
Er is een verrader.
Deze dossiers bevatten de naam van een verrader in jullie organisatie.
De verrader Tris Prior, moet zich overgeven aan Eruditie.
Vriend van Modderbloedjes en verrader van eigen bloed.
Geef hem aan mij, dan geef ik jou de verrader aan je tafel.
Ik ben geen verrader.
Ik ben geen verrader.
De verrader Lucrezia.
Rot op, ik ben geen verrader!
Ik ben niet de verrader.
Als je niet wilde vechten, was je een lafaard of een verrader.
Ben je een verrader?
Je bent een verrader.
Wat denk je dat ik ben, een verrader?
Je bent een verrader.
Geniet van je zilverwerk, vuile verrader!