Voorbeelden van het gebruik van Jemma in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Ik ben Jemma.
Zeg het, Jemma.
Jemma, toch?
Fijne verjaardag, Jemma.
Goed nieuws, Jemma.
Geloof me, Jemma.
Iets wat Jemma zei.
Dat is jouw probleem, Jemma.
Goed werk, Jemma.
Jemma en natuurlijk Daisy.
Jemma, vertrouw niemand!
Jemma, Ik proberen alleen.
Jemma heeft me alles verteld.
Het spijt me, Jemma.
Je bent nu veilig, Jemma.
Jemma, we hebben bezoek.
Jemma Kidd deelt haar make-upgeheimen.
Hij heeft een verrassing georganiseerd voor Jemma.
Jemma ons zeer vriendelijk welkom.
Als je iemand verliest… Jemma.