Voorbeelden van het gebruik van Zia in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Jammer, Zia.
Dokter Zia?
Zia, schiet op!
Ik ben dokter Zia.
Hallo, ik ben dokter Zia.
Ik ben Dr Zia.
Dr. Zia en Dr. Alexander.
En Lisa komt met Zia.
Zia heeft ons alles verteld.
Ik kon het niet, Zia.
Ik heb diezelfde vraag zia.
President Zia heeft niet Bhutto vermoord.
Zia, je kent de regels.
Schitterend Zia geven van een interview.
Rebecca, dit is dokter Zia.
Zia schrijft zich in Griek Zίa.
Zia, naam met verschillende oorsprong.
Dr. Zia praat nu met zijn vrouw.
Mogen Zia en ik mee?
Zia schrijft zich in Griek Ζία.