Examples of using Dat open in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Wil je dat open maken?
Achteruit. Maak dat open.
Achteruit. Maak dat open.
Niet openen. Laten we dat open maken.
Als we dat open krijgen, kan het water misschien in de schacht.
Als je denkt dat ik dat open zonder een bevel, ben je gek.
Hoe gaat dat open?
Ik bezoek dat open huis om een idee te krijgen.
Maak dat open.
Heb ik dat open laten staan?
Maak je dat open?
Gus, doe dat open. Godverdomme.
Maak dat open.
Waar is dat open huis?
Waarom is dat open?
Of het soort dat open, vrij en zonder vrees is?
Alles dat open gaat wordt afgerekend.
Samenwerkingsplatform U wilt een platform dat open en laagdrempelig is.
Hoe krijgen we dat open?
We hebben een geen-aankloppen bevel voor een bordeel dat open is voor zaken.