Examples of using Gegil in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Gegil, schoten en daarna rook.
We hoorden gegil.
Maar het gegil.
Het gegil kwam uit die slaapkamer.
Gegil en gelach.
Monster krijst geschreeuw en gegil.
We hoorden gegil.
Geen gegil, geen ruzie, geen schoten,
We hoorden gegil.
Gegil Engeland!
Zo'n gegil hebt u nog nooit gehoord.
Op haar gegil na.
Zoveel gegil. Klauwen, tanden, gegil.
Geen gegil, geen schoten.
Ik hoor nog steeds hun gegil.
Gegil en kabaal gegil.
Ik hoorde het gegil.
Ze brandden stinkende kruiden en we hoorden gegil.
Mijn partner komt uit de keuken tevoorschijn om te zien wat dat gegil om was.
Dat was gegil.