Examples of using Jerobeam in Dutch and their translations into English
{-}
-
Ecclesiastic
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Zijn zoon Jerobeam volgde hem op.
Zij begaan de zonde van Jerobeam.
Zijn zoon Jerobeam volgde hem op.
Er heerste voortdurend oorlog tussen Rehabeam en Jerobeam.
En de man Jerobeam was een dapper held.
En er ontstond oorlog tussen Aba en Jerobeam;
En de man Jerobeam was een dapper held.
En zijn zoon Jerobeam werd koning in zijn plaats.
En de man Jerobeam was een dapper held.
En zijn zoon Jerobeam werd koningkoning in zijn plaats.
En zijn zoon Jerobeam werd koning in zijn plaats.
Als Jezus geneest, dan zal ook een Jerobeam genezen.
Zij gehoorzaamden de HERE en trokken niet op tegen Jerobeam.
Tien stammen komen in opstand en kiezen Jerobeam als hun leider.
En hij zeide tot Jerobeam: Neem u tien stukken;
De tekst van vandaag stelt Hosea en Jerobeam aan ons voor.
Maar Hij verloste hen door de hand van Jerobeam, den zoonvan Joas.
Zo is een schip de Jerobeam genaamd: de Bijbelse Jerobeam was de voorganger van koning Achab.
Mannen: Jerobeam stelde de slagorde tegen hem.
Doned als vierhonderdduizend en het aantal Jerobeam eigen leger.