Examples of using Wanda in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Wanda leert me hoe het moet?
Omdat Wanda Charlie er per ongeluk bij betrok.
Het is"Wanda". Alsjeblieft, wees daar voorzichtig mee.
Wanda? Wat is er met Wanda? .
Wanda Spickett klaagt die dokter aan.
Wanda Spickett klaagt die dokter aan.
Ik had net Wanda aan de telefoon.
Je moet naar me luisteren Wanda.
Je moet het hebben over je narc vriend, Wanda.
Het is Wanda.
We zijn bij Joey en Wanda.
We moeten nu aan Wanda denken.
Doe dat alsjeblieft, Wanda.
Waar zijn we, Wanda?
Kom op, Wanda.
Je bedoelt Wanda Wonder.
Doorzoek het huis. Waar is Wanda?
Wat moet dat, Wanda?
Welke? De Wanda Trossler Schoonheidsopleiding.
Kent iemand ene Wanda Hartley?