GRANDSON - vertaling in Nederlands

['grænsʌn]
['grænsʌn]
kleinzoon
grandson
son
grandchild
kleinkind
grandchild
granddaughter
grandson
grandkid
grandbaby
child
zoon
son
boy
kleinzoontje
grandson
son
grandchild
kleinzonen
grandson
son
grandchild
kleinkinderen
grandchild
granddaughter
grandson
grandkid
grandbaby
child
zoontje
son
boy

Voorbeelden van het gebruik van Grandson in het Engels en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Ecclesiastic category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Computer category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
An old Cherokee is teaching his grandson about life.
Een oude Cherokee leerde zijn kleinkinderen over het leven.
My wife Aya and my grandson… 5 years old.
Mijn vrouw Aya en mijn zoontje… vijf jaar.
He was a grandson of director Johan Leuthäuser Hirsch.
Hij was de zoon van orgelbouwer Nicolaas van Hirtum.
I was then their only grandson.
Ik was hun enige kleinkind toen.
Charles Pope is my grandson.
Charles Pope is mijn kleinzoon.
The grandson Justus Ormea later became mayor of Utrecht.
Huberts zoon Gerrit zou onder meer burgemeester van Utrecht worden.
He's young enough to be your grandson.
Hij is jong genoeg om je kleinkind te zijn.
Little Paul, your grandson, in Rome. Paul.
Paul. Kleine Paul, uw kleinzoon in Rome.
He was a grandson of Ingebrigt Holm.
Hij was de zoon van Enlil en Ninlil.
And let my grandfather see his grandson get married.
En laat mijn opa zijn kleinkind zien trouwen.
No, but my grandson does.
Nee, maar m'n kleinzoon wel.
His grandson Centule V succeeded him.
Zijn zoon Willem V volgt hem op.
Let her know her grandson is here.
Haar laten weten dat haar kleinkind hier is.
I still see Melanie and my grandson, Eli.
Ik zie Melanie en m'n kleinzoon Eli nog.
Louis Alexandre was a grandson of Louis XIV and Madame de Montespan.
Lodewijk-Alexander was een zoon van de Franse koning Lodewijk XIV en diens minnares Madame de Montespan.
He's your grandson.
Hij is je kleinkind.
And your grandson, Wilhelm.
En uw kleinzoon Wilhelm.
He was a grandson of Ivan Kolchev Kalpazanov.
Hij was een zoon van František Pavel Kovařovic.
Morgan Wilson, J, my grandson.
Morgan Wilson, J, mijn kleinzoon.
He's my grandson, Cathal.
Dat is mijn kleinkind, Cathal.
Uitslagen: 5312, Tijd: 0.0643

Top woordenboek queries

Engels - Nederlands