BANQUIER - vertaling in Nederlands

bankier
banquier
banque
banquière
bancaires
banker
banquier
investeringsbankier
banquier
courtier
banco
banque
banquier
bankiers
banquier
banque
banquière
bancaires
bankieren
banquier
banque
banquière
bancaires
bankstelsel
système bancaire
système banquier
bankdirecteur
directeur de la banque
président de la banque
banquier

Voorbeelden van het gebruik van Banquier in het Frans en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Je suis banquier.
Ik ben een bankier.
Ainsi vous êtes le banquier du temple.
Dus jij bent de geldwisselaar in de tempel.
Le banquier veut que tu signes devant lui.
Je moet in de bank zelf tekenen.
T'avais tout faux, je suis pas banquier.
Fout gedacht. Ik ben geen bank.
Le tout sans avocat, sans banquier, sans agent.
Ik doe het zonder advocaten, zonder banken, zonder makelaars.
Excusez moi, je dois appeler mon banquier.
Sorry, ik moet dringend m'n bank bellen.
Son père était banquier.
Zijn vader was een bankier.
Carl Sternheim est le fils d'un banquier et grandit à Hanovre puis Berlin.
Edith Hancke was de dochter van een bankemployé en groeide op in Berlin-Charlottenburg.
N'hésitez pas à rencontrer votre banquier pour lui parler de votre projet.
Aarzel dus niet om uw plannen voor te leggen aan uw bankier.
Cependant, rien ne vous oblige à rester éternellement chez le même banquier ou assureur.
Maar dat hoeft niet eeuwig bij dezelfde bank of verzekeraar te gebeuren.
Sois prudente, Bundy, le tueur en série, s'est parfois présenté comme banquier.
Wees voorzichtig, Bundy deed zich soms voor als bankier.
J'arrive pas à croire que tu sois banquier.
Ik kan niet geloven dat je een bankier bent.
tu étais banquier, Andy.
Andy was een zakenman.
Je suis pasteur, pas banquier.
Ik ben een dominee, geen bank.
Je ne connais pas le banquier.
Ik ken de bankeigenaar niet.
j'apporte une enveloppe à un banquier en ville.
ik een envelop meenam voor een manager bij een bank in Midtown.
Alors qui est le banquier?
Wie is de directeur?
Votre banquier privé est un conseiller discret,
Uw Private Banker is een discreet en integer vertrouwenspersoon die dicht bij u,
même si le banquier gagnait en restant sur deux cartes.
zelfs als Banco zou winnen door te passen met twee kaarten.
Le banquier international a conçu le plan de visant à consolider le pouvoir encore plus loin.
Bedachten de internationale bankiers het plan om de macht nog verder te consolideren.
Uitslagen: 767, Tijd: 0.3076

Top woordenboek queries

Frans - Nederlands