Voorbeelden van het gebruik van Amen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Amen.-Waar zijn we hier? Amen.
Ik heb wodka. Amen.
Dank U, Heer. Amen.
Jezus en koffie, amen.
God is hier.- Amen.
En Amen.
Oké, tot ziens. Amen.
We hebben acht uur. Amen.
Amen'? Genadige Boeddha. Amen.
Waar zijn we hier? Amen. Amen.
En amen, broeder.
Trouwen en amen, hoe geluid is ze in slaap!
Amen, broeder. Mag ik er 'n paar hier laten?
Krijg ik een"Amen", jongens?
Amen, Jezus. Jezus.
Krijg ik een amen, m'n broeder?
En je marketingplan. Amen, zus.
Amen, dominee.- Amen.
Verdomme. Amen, kerk.
De verweesde amen van een arme weduwe.