Voorbeelden van het gebruik van Brandden in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ze brandden, alsof ze op de een of andere manier met hen verbonden was.
Maar jullie koningen… brandden dat dorp plat en roeiden ze uit.
Z'n Chinese oogjes brandden in m'n maag, recht in m'n ziel.
Brandden hem met 'n sigaret.
bananen zo snel brandden.
Maar jullie koningen brandden dat dorp af en slachtten hen af.
Ik raak die geur van hen, toen ze brandden.
Ze zong ze toe terwijl ze brandden.
Ze zong ze toe terwijl ze brandden.
Ze zong ze toe terwijl ze brandden.
Toen de boel explodeerde, brandden onze wenkbrauwen eraf.
Plunderden de dorpen van hun Germaanse vijanden, brandden hun land plat.
Bij een stadsbrand in 1500 brandden de beide torens af, maar ze werden vervolgens weer gereconstrueerd.
Hij bouwde een rare toren op het hoogste punt… met felle lichten die elke nacht brandden.
Bij mijn woedeaanvallen in m'n tienerjaren… vielen vogels uit de lucht en brandden hele dorpen af.
Hij bouwde een rare toren op het hoogste punt… met felle lichten die elke nacht brandden.
Zij brandden boeken en begroeven sommige levende geleerden om dat afval van tijd af te raden.
de vuren brandden dag en nacht.
maar bij een bombardement in 1943 brandden de gebouwen alsnog uit
Brandden mijn boerderij af het huis van mijn vader vermoordden mijn vrouw