Voorbeelden van het gebruik van Chillen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ze wilden gewoon graag met Keith en Anita chillen.
Nee, laten we chillen op het balkon.
Ze kwam dus langs. Wilde chillen.
We gaan gewoon chillen.
Ik ga daar gewoon een beetje chillen.
Eerst maar even chillen.
Ik kan echt niet chillen.
Misschien moet je ze gewoon laten chillen.
Laten we gaan chillen.
Backstage chillen.
Ik moet even chillen.
Als u wilt g out of chillen, dit Christian Louboutin zakken maakt altijd indruk.
Wil je chillen in mijn caravan?
Chillen en relaxen!
Jullie konden met elkaar chillen.
Je weet wel… Netflix en chillen.
Iedereen weet wat chillen betekent.
Ik ga niet chillen of relaxen.
Dus, dan ga ik nu chillen… met mijn vrienden.
Ik ben gewoon aan het chillen als Bob Dylan.