Voorbeelden van het gebruik van De huur in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Maar de weduwe vraagt veel geld voor de huur.
In de eerste tien jaar kan de huur in beginsel niet worden opgezegd.
Maar de huur is hoog.
Geen kans dat ze… het geld terug verdient voor de huur.
De huur loopt af over vier weken.
Om de armen uit te zetten en de huur te verhogen?
Hier is de huur.
En de laatste 50 ballen voor de huur.
Ryan. Over vier weken verloopt de huur.
We kunnen niet eens de helft van de huur betalen.
Over vier weken verloopt de huur.
Ze werd ontslagen en ze moet de huur betalen.
En ik betaal ook de huur.
Ze komt elke maand de huur betalen.
Hij betaalt de huur.
Goed. Ik kan de huur niet betalen.
Een auto kopen. We moeten eten kopen, de huur betalen….
Hij betaalt mijn auto, de huur en mijn kredietkaarten.