Voorbeelden van het gebruik van Debielen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
En jullie debielen kunnen zelfs geen enkele D!
Debielen, luilakken, ik hoor hier thuis.
Maar wij zijn debielen, alleen jouw mening telt.
Frauduleuze debielen.
Wat doen jullie hier, debielen?
Het is een ton. Rollen, debielen.
Waar betaal ik die debielen voor?
Stomme debielen.
Hoeveel van jullie debielen zijn er?
Is 't niet verboden dat debielen eten voor anderen klaarmaken?
Jullie zijn allebei debielen.
Regels zijn voor debielen, man!
Dat had ik al door toen je advies aannam van deze debielen.
Wat een debielen.
Hij heeft die debielen een lesje geleerd
Stelletje debielen.
Vaarwel en succes, debielen.
Mijn huis uit, debielen.
alleen debielen.
Sta daar niet te staren als een stel debielen.