Voorbeelden van het gebruik van Haley in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Haley is met ze naar de film.
Ik wilde haar Haley noemen.
Haley is begonnen met rijlessen.
Je moet naar dat festival gaan, met Haley.
Mijn vrouw vond alles goed, behalve Haley.
Haley heeft me net gevraagd.
Chaz, Haley en Maggie.
Maar mijn vrouw vond van alles leuk behalve Haley.
Haley, heb je mijn lader weer meegenomen?
Vertel hem dat… Haley een bloeding had.
hè, Haley?
Haley, breng je zus weer bij.
ik lijk niet op Haley.
De volgende film is van Haley Smith.
Haley, jij blijft even groot.
Ik kan niet geloven, dat Haley de schoenen niets vond.
Kom op, Haley.
Haley, alles zal goed komen.
Ook. -Blij dat Haley dat zei.
Haley, ik hou van je. Wat?