Voorbeelden van het gebruik van Lachten in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Voordat ze me in elkaar sloegen, keken ze elkaar aan en lachten.
Toen we lachten, hoop hadden en gelukkig waren.
Mensen lachten.
Ze zei dat alle hoge lui in Moskou zich kapot lachten.
En we lachten allemaal.
En zij waren geliefd. Ze droegen mooie kleren, lachten….
We zongen en lachten.
En dat ze weer lachten.
Maar de mensen lachten.
We praatten, ik probeerde te koken, we lachten.
Kinderen die opgroeiden in armoede en oorlogsgebieden, lachten opeens.
Jullie waren degene die lachten.
ze weer samen lachten.
De soldaten lachten.
keken naar haar tekeningen en we lachten samen.
Je gaat lachten.
Jordan en Josje keken naar hun moeder en lachten.
Hij zei dat ik hetzelfde had gedaan, dus we lachten.
En Sean en Aidan lachten en zeiden.
Ik hoop dat Buster ons niet vermoordt omdat we lachten.