Voorbeelden van het gebruik van May in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
May, dat is geweldig.
En dat van May in de Caterham.
May vertelde me dat haar professor een eng mens is.
Doe wat hij zegt.-May, stap terug in.
Of May haar examenfeest in mijn huis mag houden. Bobby, waarom vraagt jouw vrouw mij?
Hij wil May en Harry leren ijsschaatsen.
Wat doe jij hier? May.
We gaan niet rijden, Ellen May.
Neem jij de tas van May even mee?
Ik ben het nog. May?
Hij heeft Ellen May.
De tweegestreepte a op de Blüthner piano van de familie May in Großschönau.
De tweegestreepte a op de Blüthner piano van de familie May in Großschönau.
Ik ben James May geworden.
Ik zeg je dat May zichzelf niet is.
We gaan erheen en sturen de coördinaten naar May.
Ben je in orde? May belde?
De tweegestreepte a op de Blüthner piano van de familie May in Großschönau.
Ik dacht een tijd dat het Ellen May was.
Het vriendje van May.