Voorbeelden van het gebruik van Pius in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
De pausen Pius XII en Johannes XXIII werden beiden gekroond met deze tiara.
Weldra veroordeelt Pius VI middels twee achtereenvolgende breven de Burgerlijke Grondwet voor de Geestelijkheid door deze op verschillende punten als ketters te bestempelen
in te richten dat de dagelijkse arbeidsduur door genoeg en voldoende lange piuzes wordt onderbroken om de gezondheid van de werknemers in stand te houden en rekening te houden met hun sanitiire behoeften.
Lena ga naar Pius. Attentie.
Wat denk jij, Pius?
Hij laat zich Pius noemen.
De brand bij Saint Pius?
Lena ga onmiddellijk naar Pius!
Ik ben Pius, stomme polak.
Lena ga onmiddellijk naar Pius!
Heb jij geen advocaat, Pius?
Heb je geen advocaat, Pius?
Generale bekentenis met Pius. Waarvoor?
Lena, je moet direct bij Pius komen!
Paus Pius IX woonde zijn uitvaart bij.
Je hebt mijn broer Pius nooit gekend?
Zijn opvolger was zijn geadopteerde zoon Antoninus Pius.
Pius XII werd bijgezet op 13 oktober 1958.
Pius, we hebben het allemaal gezien en gehoord!
Pius, we hebben het allemaal gezien en gehoord.