Voorbeelden van het gebruik van Uitchecken in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Dit bedrag wordt bij het uitchecken terugbetaald.
Ik wil graag uitchecken.
Deze wordt bij het uitchecken teruggegeven.
Hallo, we willen uitchecken uit kamer 418.
Deze borg wordt bij het uitchecken terugbetaald.
U zult dan toch uitchecken.
Bespaar tot 10% bij het uitchecken binnen 24 uur promotiecode.
Hallo, ik wil uitchecken.
Deze borg wordt bij het uitchecken na 09.
Jullie moeten uitchecken.
De rekening dient vooraf betaald te worden, niet bij het uitchecken.
Ik wilde laat uitchecken.
Hij zou morgen uitchecken.
Bij uitchecken moet de woning bezemschoon worden nagelaten.
We moeten morgen uit het hotel uitchecken.
De sleutels kunnen bij het uitchecken worden achtergelaten in het appartement.
Dit bedrag zal bij het uitchecken worden vrijgegeven als er geen bijkomende kosten gemaakt zijn.
Op de dagen van inchecken en uitchecken is er een bagageopslag beschikbaar.
De eigenaresse was heel soepel met uitchecken;
Na aftrek van alle kosten, zal dit bedrag bij het uitchecken worden gerestitueerd.