Voorbeelden van het gebruik van Valsspeler in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Krijg de kolere, valsspeler.
leugenaar, valsspeler.
Je hebt het gehaald, vieze valsspeler.
Niemand noemt me een valsspeler.
Noem je me een valsspeler, Harold?
Ik denk dat je een soort van valsspeler bent.
Hij zegt dat je een valsspeler bent.
Want Hutch wilde een honkballer zijn, geen valsspeler.
Die valsspeler.
Een valsspeler herken ik meteen.
Papa. Die kaart bestaat niet eens. Valsspeler.
Maar ik ben valsspeler.
Valsspeler is een verhaal over pesten op school.
Nee, valsspeler, nee!
Valsspeler.- Waarom zo gespannen, Potter?
Mr Valsspeler?
Dubbele valsspeler! Waar zijn ze gebleven?
Die valsspeler is geëxecuteerd,
Geen leugenaar, maar een valsspeler.
Ssh! Valsspeler.